Je denkt misschien
dat je wat moet zeggen
je denkt misschien
dat je me moet opvrolijken
je wilt me misschien weer
zien lachen
en genieten
je denkt misschien dat je me moet
troosten
en adviseren.
Wat ik je vraag is dit:
wil je nog eens
en nog eens
luisteren naar mijn verhaal
naar wat ik voel en denk.
Je hoeft alleen maar stil te zijn,
mij aan te kijken
mij tijd te geven.
Je hoeft mijn verdriet
zelfs niet te begrijpen
maar als het kan
slechts te aanvaarden
zoals het voor mij voelt.
Je luisterend aanwezig zijn
zal mijn dag anders maken.
Marinus van den Berg
Privacyverklaring | Copyright (C): Stichting Nabij Boxtel



Breng jij mij weg tot aan de brug,
ik ben zo bang om daar alleen te staan.
Als we daar zijn, ga niet direct terug,
maar wacht totdat ik overga en zwaai me na,
dan voel ik mij heel veilig en vertrouwd.
Breng jij mij weg tot aan de brug
‘k heb geen idee hoe diep het water is,
de overkant lijkt mij zo ver,
je kunt de oever hier niet zien.
Zover het oog reikt zie ik mist,
ik twijfel aan het verdergaan.
De angst voor de dood is
als angst voor het leven,
wat nieuw is lijkt te groot
om het oude op te geven.
In de diepte van mijn verlangen
ligt kennis van het nieuwe leven,
zoals een vlinder al weet heeft van vliegen
in haar donkere cocon.
Breng jij mij weg tot aan de brug ?
En ga dan niet te vlug terug.
Zwaai mij na
als ik erover ga.
Een heel klein duwtje in de rug
is alles wat ik nog verlang van jou.
Dank voor je liefde en je trouw.
Ik ga nu gauw,
want het begin is reeds in zicht:
ik voel de warmte van een licht…
Zohra Noach Bertrand